Duw voort.

Zo-even voer hier een soort mammoetboot door de vaart. Met lange zware ijzeren platen. De boot werd voortgeduwd door een oude aftandse sleepboot. Een duwboot kan ik beter zeggen, ze heette Catherina 4. Kijk, dacht ik, hoe zo’n oude duwer nog steeds zware vracht voortstuwt. Zolang ze functioneren worden dingen volop ingezet, hoe anders gaat dat met mensen.

Al snel wordt in de samenleving gedacht dat oudere mensen niet meer functioneren. Al snel geldt: ze doen niet meer mee. Die gedachte, ouderen doen niet meer mee, heeft natuurlijk een geschiedenis. Er was een tijd dat 45 plussers al oud waren. Dat ze na gedane arbeid en meerdere bevallingen gewoon op hun lauweren mochten rusten. Neem bijvoorbeeld de ouders van mijn oma. Overgrootopa was een loonwerker, een boerenknecht, zijn vrouw werkte als dienster voor de herenboeren. Met hun 24 (sic!) kinderen woonden ze in een plaggenhut op het Zeeuwse platteland (ik heb ‘t over de 19e eeuw).

Noodgedwongen flexibel
Overgrootopa was op zijn 45e al versleten. Overgrootoma baarde op die leeftijd nog net haar laatste kinderen. Toen ze begin 50 waren gingen opoe en opoe bij hun oudste dochter in Rotterdam wonen. Er werd van toen af voor hen gezorgd. De jongste dochter, mijn oma, bleek een rebel. Ze trouwde boven haar stand met een gescheiden man en woonde in Rotterdam Kralingen. In de oorlog werden ze gebombardeerd. Ze begonnen opnieuw in een 2-kamerwoning. Dat deed je gewoon, mensen waren noodgedwongen flexibel. Opa overleed op zijn 50e aan een hartaanval: de stress van het scheiden, de oorlog, het werk, het opnieuw beginnen had misschien toch zijn tol geëist? Oma, stukken jonger dan haar man, had een bijbaantje, ze deed de was voor rijke mevrouwen. Op haar 65e stopte ze daarmee en leefde tot haar 92e zelfstandig verder in haar tweekamerwoning. Natuurlijk gingen mijn ouders regelmatig naar haar toe en logeerde oma best vaak bij ons. Ze draaide mee in ons gezin en had overal haar mening over.

Welverdiende rust
Mijn vader, haar zoon, werkte tot zijn 65, mijn moeder zorgde voor ons en het huishouden. Zij ging naar de middelbare school, studeerde Frans en kunstgeschiedenis, alles in haar vrije tijd. Werken mocht ze niet, want dat deed teveel af aan het man-zijn van mijn vader, vond hij. Toen ze 50 werden dachten ze erover om zich in te schrijven in een bejaardenhuis. Ze deden het niet want wilden toch liever zelfstandig blijven met elkaar. Na zijn pensionering zat mijn vader op de bank en las mijn moeder de krant voor. Zij knipte allerlei interessante berichten uit en discussieerde daarover met ons. Mijn ouders voelden zich bejaard maar zeker niet afgeschreven door de maatschappij. Ze vonden dat ze mochten genieten van hun welverdiende rust en volgens mij hadden ze door de bank genomen een leuke oude dag.

Niet bejaard
Hoe anders is dat met onze generatie.
Wij voelen ons niet bejaard als we 55 plus zijn. De maatschappij zet ons wel als zodanig weg want 55 plus staat voor bejaard in de oude zin van het woord. We tellen niet meer mee. Tenzij …we ons zelf nieuwe doelen, uitdagingen stellen. Tenzij we ons blijven manifesteren als degene die we altijd waren. Als Catherina’s 4 die blijven duwen (en trekken?) aan ons eigen leven. Want wie anders dan wijzelf kunnen ons eigen leven invullen, zorgen voor een leuk leven? Sommige ouder wordende mensen hebben daar een duwtje in de rug bij nodig. En dat duwtje geeft See Me door hen op het spoor te zetten van wat ze kunnen ondernemen, in contacten te brengen met jongeren. Door kortom, te laten zien hoe leuk het ouder worden kan zijn zodat we allen duwers blijven van ons eigen leven. Mooi toch?

Geschreven door: Marianne Schenderling / Zorgmag

Related Posts

Praat mee!